Zoals een bron water laat stromen

Vlucht, oh zonen van Benjamin
Uit het midden van Jeruzalem
En blaas de shofar in Tekoa
En hef een banier
[ga strijden]
Over Beth HaKerem
Want het kwaad is zichtbaar
Uit het noorden
Een grote verwoesting
De bekoorlijke
En de fijngevoelige
Heb ik vernietigd
Oh dochter van Tzion
Herders en hun kuddes
Zullen naar haar toe komen
Ze hebben tenten opgezet
[legers]
Rondom haar
[Jeruzalem]
Ze grazen haar volledig af
Ieder naar zijn hand
Maak je klaar
Voor oorlog tegen haar
Sta op
En laten we optrekken
Op het middaguur
Oi vee voor ons
Want de dag
Is over de helling
Want de schaduwen
Van de avond
Strekken zich uit
Sta op
En laten we oprukken
In de nacht
En laten we haar paleizen
Vernietigen
Want zo zegt de Eeuwige
Van de legermachten:
Houw bomen om
En werp een belegeringswal op
Tegen Jeruzalem
Dat is de stad
Wier zondes
Bezocht werden
Overal in haar midden
Is er onderdrukking
Zoals een bron
Water laat stromen
Zo laat zij
Haar kwaad stromen
Geweld en plundering
Worden daar voortdurend gehoord
Door Mij
Ziekte en verwondingen
Laat je corrigeren
Oh Jeruzalem
Zodat Mijn ziel
Zich niet van je afkeert
Zodat ik je niet
Tot een woestenij maak
Een land zonder inwoners
Zo zegt de Eeuwige
Van de legermachten:
Ze zullen zoals bij de wijnstok
Zorgvuldig nakijken
Het restant van Jisraël
Keer je hand terug
Als een wijnplukker
Over de ranken
Tot wie zal Ik spreken
En waarschuwen
Dat ze zullen luisteren?
Zie, hun oor is gesloten
En ze kunnen niet luisteren
Zie, het woord van de Eeuwige
Is een schande voor hen
Ze verlangen er niet naar
Daarom ben ik vol met woede
Van de Eeuwige
Ik ben moe
Van het inhouden ervan
Laat het zich uitstorten
Over de kinderen in de straat
En over een groep jonge mannen samen
Ook man en vrouw
Zullen gepakt worden
Een oude man
Met iemand vol van dagen
En hun huizen
Zullen aan anderen worden gegeven
Velden en vrouwen samen
Want Ik zal Mijn hand uitstrekken
Over de inwoners van het land
Zegt de Eeuwige
Want van hun kleinste
Tot hun grootste
Allemaal plegen ze roof
En van profeet
Tot priester
Ze handelen allemaal vals
En ze genazen de breuk
Met Mijn volk gemakkelijk
Ze zeiden:
Vrede, vrede
Maar er is geen vrede
Ze zullen beschaamd worden
Omdat zij gruwelen
Hebben gedaan
Toch schamen ze zich niet
Noch weten ze
Wat schaamte is
Ze zullen daarom vallen
Onder de gevallenen
Op het moment
Dat Ik hen bezoek
Ze zullen struikelen
Zegt de Eeuwige
(eigen vertaling)

Jeruzalem is verdorven
Van hoog tot laag
Van landarbeider tot priester
Allemaal plegen ze bedrog
De Eeuwige is niet mals
Hij roep nogmaals op terug te keren
Want slechts een restant van hen
Zal overblijven

Gisteren heeft hij eindelijk gehoord
Zijn urgentie is goed gekeurd
Hij beefde met de telefoon in zijn hand
Op die knop drukken
Paswoord invoeren
Het ging allemaal moeilijk
Maar zijn urgentie voor een half jaar
Heeft hij nu eindelijk in handen
En toen kwamen de tranen
Zoals een bron water laat stromen
En hij was uitgeput
Om negen uur gingen we slapen
Volledig op
De weg zo freakin’ lang
Nu duurt het nog even
Voordat hij eindelijk een huis heeft
Maar dat komt er
En dat beseft hij nu ook
Hij is er bijna

Jezzebel,
Tussen water en water

Art: Pascale, en-de-weg-is-eindeloos-story



This entry was posted in @home, @Work, kunst, literatuur, Own Art and tagged , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.