Kind van haar schoot

Zing, oh hemelen
En wees blij, oh aarde
Bergen, breek in gezang uit
Want de Eeuwige
Heeft Zijn volk getroost
En Hij zal genade hebben
Voor Zijn arme mensen
En Tzion zei:
De Eeuwige heeft me verlaten
En de Eeuwige is me vergeten
Zal een vrouw
Haar zogende kind vergeten
En geen genade hebben
Voor het kind van haar schoot?
Al zouden zij vergeten
Ik zal je niet vergeten
Zie, op Mijn handen
Heb ik je gegraveerd
Jouw muren
Zijn altijd vóór Mij
Je zonen
Hebben zich gehaast
[om terug te keren]
Zij die je vernietigden
En zij die je verwoestten
Zullen van je wegtrekken
Sla je ogen op
En zie
Ze zijn allemaal samengekomen
Ze zijn naar je toe gekomen
Zo waar als Ik leef
Zegt de Eeuwige:
Je zult ze allemaal
Als juwelen dragen
En je zult ze aan je binden
Als een bruid
Want je ruïnes
En je verlaten plaatsen
En je land dat verwoest is
Die zullen nu
Dichtbevolkt worden
Met bewoners
En zij
Die je willen vernietigen
Zullen ver weg zijn
Je kinderen
Van wie je beroofd bent
Zullen zelfs in je oren zeggen:
De plek is te krap voor mij
Schuif voor me op
Zodat ik kan verblijven
En je zult
Bij jezelf zeggen:
Wie heeft mij dit
Laten overkomen
Hij, die zag dat ik beroofd ben
En eenzaam
Verbannen en afgewezen
Wie heeft deze grootgebracht?
Zie, ik was alleen achtergelaten
Waar komen deze vandaan?
Zo sprak de Eeuwige God:
Zie, ik zal Mijn hand opheffen
Naar de naties
En voor de volkeren
Zal ik Mijn banier verheffen
En ze zullen je zonen brengen
Onder hun oksels
En je dochters
Zullen op hun schouders
Gedragen worden
En koningen zullen je
Verzorgende vaders zijn
En hun vorstinnen
Je voedsters
Ze zullen zich
Voor je neerwerpen
Met hun gezicht
Naar de grond
En ze zullen het stof
Van je voeten likken
En je zult weten
Dat Ik de Eeuwige ben
Zij die op Mij wachten
Zullen niet
Beschaamd worden
Kan er buit genomen worden
Van een machtig krijger
Of zullen gevangenen
Van de rechtvaardigen
Ontsnappen?
Want zo zegt de Eeuwige:
Zelfs gevangenen
Van een machtig krijger
Kunnen weggenomen worden
En de prooi van een tiran
Zal ontsnappen
Met je tegenstander
Zal Ik strijden
En je zonen zal Ik redden
En zij die je bespotten
Hun vlees zal Ik voeren
En met zoete wijn
Zullen ze dronken worden
Van hun bloed
En al het vlees zal weten
Dat Ik de Eeuwige ben
Die jou redt
En je Verlosser
De Machtige Aanwezigheid
Van Ja’acov
(eigen vertaling)

De Eeuwige zegt het duidelijk
Hij zal verlossen
En al je verlaten en desolate plekken
In je leven en je hart
Zullen bewoond worden
Ja, drukbevolkt

Ik ben verdrietig
Vandaag zijn mijn ouders
61 Jaar getrouwd
Ik ben er niet bij
Dat vieren ze samen
Wat geweldig
Zo lang
Dat hoor je niet vaak
Feliciteer ik mijn moeder
Ja, zegt ze
Ze had het er met mijn vader over
Ze hebben veel meegemaakt
Samen
Veel leuke dingen
Het bedrijf
Prachtige vakanties
Verrukkelijke restaurants
Altijd samen
Geen woord over de kinderen
Die ze hebben voortgebracht
Mijn vader herhaalt het even later
Als ik hem feliciteer
Geen leven van een grijze muis
Gaat hij verder:
Ja, ik ben zeer content met mijn wijf
Met mijn wijf, vraag ik geïrriteerd
Ja, zegt hij, mijn vrouwtje
Je vrouwtje?
Waarom zeg je niet gewoon
Mijn vrouw?
Of noem haar bij haar naam
Ja, zegt hij, dat weet ik niet hoor
Ik kijk geen B&B Vol Liefde
Wat heeft dat ermee te maken
Antwoord ik kribbig
Mijn vrouwtje is in en in burgerlijk
En mijn wijf is gewoon platvloers
Oi, ik haalde weer eens harder uit
Dan ik had gewild
De pijn om geen deel uit te maken
Van hun 61-jarige huwelijk
Is schrijnend
Dat blijft een wond

Jezzebel,
Tussen water en water

Art: Pascale, sommige-wonden-blijven-bloeden-story



This entry was posted in @home, kunst, literatuur, Thuis and tagged , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.