Ik maak er wel wat van

Awimelech was uit Gerar naar Jitschak toe gegaan
Met zijn vriend Achoezath en Piechol zijn legeroverste
Jitschak zei tegen hen:
Waarom zijn jullie bij mij gekomen
Terwijl jullie me haat
En mij van jullie hebt weggestuurd?
En ze zeiden:
Gezien hebben we toch
Dat de Eeuwige met u is
Daarom zeiden we:
Er moet een eed zijn tussen ons en u
Laten we een verbond met u sluiten
Dat u ons geen kwaad zult doen
Evenmin als wij u iets hebben aangedaan
En evenals wij u alleen maar goeds gedaan hebben
En u in vrede lieten heengaan
U bent nu eenmaal gezegend door de Eeuwige
Hij richtte een maaltijd voor hen aan
En zij aten en dronken
De volgende morgen vroeg legden ze de eed af
De één tegenover de ander
Jitschak deed hen uitgeleide
En zij gingen in vrede van hem weg
Nog diezelfde dag kwamen de knechten van Jitschak
Verslag uitbrengen over de put
Die ze gegraven hadden
Ze zeiden hem:
Wij hebben water gevonden
Hij noemde haar Sjewa’, eed
Daarom heet de stad Beër-Sjewa’
Tot op de huidige dag

Deur gefixt
Wereld open
Maar ik ben binnen gebleven
Morgen is er markt
Daar verheug ik me op
Langs de kraampjes struinen
Naar de klanken luisteren
Verlangen naar het verleden
Er zijn artisjokken en champagne
Eindelijk mijn nieuwe omgeving vieren
Ik weet nog niet of ik er blij mee ben
En blij was niet het uitgangspunt
Op een gegeven moment dacht ik
Ik maak er wel wat van

Jezzebel,
Tussen water en water

Art: Pascale, hoe-dan-story

This entry was posted in @home, kunst, literatuur, Own Art and tagged , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.