Moedermelk

foto

Zondagmiddag, lang verhaal.
Ik was bij mijn ouders.
Heerlijk. Niet te veel gezopen, niet te veel gevroten.
Mijn moeder kan weer poepen.
Er was paniek.
Ze is al vier dagen niet meer naar het toilet geweest.
Sinds ze terug is uit New York.
Bang voor het lot van haar zusje.
Darmkanker.

Ik ben dit weekend mijn moeder komen redden.
Zoals ik het vroeger vaak deed.
Ik heb mijn ouders als een moederkloek gevoed.
Goed voor de darmen van mijn moeder gezorgd.
En de huilende neus van mijn vader.
Ik heb haar aan het wandelen, aan het dromen en aan het genieten gezet.
En voor hem ben ik lief geweest.
Ik heb getroost en gezegd niet bang te zijn.
Ik ben er weer.
Dochter van mijn ouders, ouder van mijn kinderen.

Nu ben ik thuis.
Gisteren was ik een held.
Nu ben ik ongesteld
En bang.
Bang voor zwakte van eigen lichaam.
Ik kan vechten als een tijger, troost ik mezelf.
Voor mijn vader, mijn moeder en voor mezelf.
Ik kan keihard uithalen.

Mijn vader haalt me op van het station.
Mijn moeder ziek.
We moeten het samen klaren.
Eerst tanken, daarna naar Laren.
Ik stel Bussum voor.
Hij heeft ander plan.
We komen mijn zusje tegen.
Ik zie haar niet, herken niet.
Pas als ik die akelige tsk-geluiden hoor, draai ik me om.
Kijk naar haar blonde haren van de achterkant.
Pijn van mijn vader.
Aangeslagen op zijn gezicht.
Toch al van slag.
Mijn moeder niet lekker. 

Samen boodschappen doen.
Het wordt de zojuist heropende en vernieuwde Albert Heijn.
Alles anders en stampend vol.
Net-open-paradepaardje van het land.
In het dorp van de voetbalvrouwen.
Amerikaanse karren.
Bij de ingang loopt de boel al vast.
Ook dit beproeving.
Hij wil niet, samen zetten we door.

Ik trek me van alle piskapé niets aan.
Op mijn gemak wil ik uitgebreid verkennen.
Maar zie volslagen verlorenheid bij mijn vader.
Daar lopen we weer, langs de schappen des doods.
Het leven een chaos.
In hoofdletters schreeuwt het ons toe.
Net als bij de losse onderdelen van Ikea.
Dit gaan we anders aanpakken.
Efficiënt sjees ik hem er doorheen.
We rekenen ‘gewoon’ bij de kassa af.
Geen gehannes met scanners.
Of bonuskaarten.

Daarna gaan we naar de zaak.
Zijn eigen winkel.
Hij wil de post ophalen.
En eigenlijk zo snel mogelijk naar huis.
Naar mijn zieke moeder.
Ook hij niet lekker.
De jetlag valt ze zwaar.
Hij heeft last, voorhoofdsholte-ontsteking.
Snuit zich suf.
Hij wil niet tot vier uur op kantoor hangen,
Zijn werk helemaal bij.
Dan maar geen Peking Eend.
‘ s Werelds beste Chinees.
Dat mijn moeder bedacht.
Bij het voetbal op de buis.

Ook dit doen we anders.
Ik maak lekkere, veel te culinaire hapjes.
Zalmsashimi, tonijntartaar, heerlijke Okurasalade.
Ik kook, goed voor ons alle drie.
Hij neemt me na de poffertjes mee.
Aller duurste viswinkel in de omstreek.
Belooft hij blij.

Ook langs de apotheek.
Klysma voor mijn moeder.
Maar in Laren van de patsers en de patjepejers met poen.
Kun je op zaterdag gevoeglijk doodvallen.
In het weekend wordt niet gewerkt.
Apotheek dicht.
Eigenaar waarschijnlijk op het terras.
Van Mauve of ’t Bonte Paard.
Met de boys die nooit werken.
Als de zon schijnt.
Mannen van de voetbalvrouwen.
Vet bij elkaar.
Terras bij de stoplichten.
Wuiven naar vrinden die voorbij patseren.

Vlak voor de Brink en de poffertjeskraam.
Mijn vader steekt nog een keer over.
Aan de overkant loopt Madelief.
Ze is niet aardig.
Zij van de mannenmodezaak.
Nogal goed met mijn zusje en ook dat pijnlijk.
Mijn vader, van de damesmodezaak, steekt liever over.
In de poffertjeskraam zitten we per ongeluk naast elkaar.
En vertelt hij.
Veel te gedetailleerd verhaal.
Mijn moedersconstipatie.
‘Dit mijn dochter uit Israël.’
Hij introduceert pas vele minuten laten.
‘Oh,’ vraagt het bloemetje insinuerend verbaasd.
‘Wat had je dan gedacht,’ kijk ik haar hardop vlammend aan.
Ze schrikt.
Rotop akelige vrouw, ik lust je rauw.
Ze gaat over tot de orde van gezellig uitje.
Aan eigen tafel.
Haar zoon terug op geboorte grond.
Met zijn Australische vrouw.
Voor een paar weken.

Met mijn vader stoei ik om de boter.
Hij heeft meer, zo’n lekker grote klont.
Hij geeft mij veel te veel van hem.
Ik geef hem alles terug.
Samen lachen we.
Net als vroeger.
‘Wie wil mijn boter,’ zegt zij van de herenmode.
‘Er zit veel te veel op.’
‘Ja, lekker,’ zeg ik en lach nog maar eens.
Zij houdt verder haar mond.
(Die boter krijg ik niet.)

Bijna thuis,
Jezzebel

Art: Picasso

This entry was posted in Geen categorie. Bookmark the permalink.

9 Responses to Moedermelk

  1. Richard says:

    Avatar van Richard
    very very nice to read this

  2. K says:

    Avatar van K
    Heavy zondag!

  3. Mephisto says:

    Avatar van Mephisto
    ‘t is nog niet te laat…
    :-

  4. Gus Bolden says:

    Avatar van Gus Bolden
    Dit is stacatto schrijven LADY.
    Alles er op en er an.
    Zou het niet wat zijn voor je om een boek te schrijven.
    Bukowski schreef Postoffice binnen een paar maand tijd, ramde het hele boek er uit.

    Ramde.

    Denk er eens over.

    Schrijf een boek.

    En laat me dan weten, waar, wanneer het uit komt.

    Please?

  5. Jezzebel says:

    Avatar van Jezzebel
    Goedemorgen, vandaag is prut. 🙂

    @Richard, thanks 🙂

    @K, vandaag ook pittig, oi va voi, ik heb pijn!

    @Mephisto, nog niet te laat voor wat?

    @Gus, misschien, op een dag als de sores om het dagelijks bestaan me wat ruimte geeft.

  6. Henk Arjen Baas says:

    Avatar van Henk Arjen Baas
    Mooi vind ik vooral: "dochter van mijn ouders – ouder van mijn kinderen!
    Groet je,

    Armán
    O ja wat een mooie afbeeldng van Picasso: zo kunnen schilderen daar heb ik geen woorden voor..

    Reactie is geredigeerd

  7. Jezzebel says:

    Avatar van Jezzebel
    @Armán, dit voor mij ook de aller mooiste Moeder en kind die ik ken. 🙂

  8. Blew says:

    Avatar van Blew
    Het lijkt wel een rap, moe-dur-mel-luk.

  9. Jezzebel says:

    Avatar van Jezzebel
    @Blew, klinkt leuk 🙂

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *