Verder treinen

foto

Op Hilversum Noord eten ze half binnen en half buiten shoarma in een Turkse Wrap. Treinen trekken als karavanen treurig verder. Vermoeide reizigers schieten door als vergezichten.
Naast het verlaten spoor groeit mimosa, ik moet aan de maggigeur van vroeger denken.
Ik wil ze plukken, die natte gele bloemetjes, maar de Intercity Amersfoort houdt me tegen.
Zo’n spoor dat zo’n sprinter trekt, daar is mijn fantasie eigenlijk te levendig voor.

Paardenbloemen verliezen hun pluizen, in de stromende regen op de bielzen geplakt. Vlak voor Weesp dobberen in elkaar gedoken zwanen voorbij.
Schaapjes, lammetjes, koetjes en kalfjes, zij grazen maar, zij blaten maar.
Alweer moet ik overstappen, een wissel trekken en ook nog opschieten, haastig van hier naar daar. De wereld drijfnat aan mijn voeten.
Ter compensatie rook ik een eenzaam sigaretje in vijftien minuten vertraging. En ik dender verder. Richting Amsterdam, een ander leven, pietsie different story, buiten glijdt kleurloos nabij. Binnen blijven tranen plakken.
Troosteloos als graffiti die nergens begint en nergens eindigt op dit eindeloze spoor. Laag na laag laat een eenzame spuitgast zijn druilende handtekening achter. Afdruk, opdruk, indruk, verdruk ik. Tegen de beslagen ruiten tuit ik mijn lippen, de lucht lichter, en ik?
Ik zit in deze schokkende stolp die zijn bestemming niet vindt.

Amsterdam Centraal, dames en heren, tijd om te kiezen, zijspoor, andere bestemming.
Ik lees dat flutterige boekje van hem tot de laatste bladzijde uit. Straks is het een cadeautje voor die andere schrijver, hij van wie het gestolen is, de idee. Ik moest het hem maar eens gaan brengen, vond hij. Dat zei hij al, hij zit vast en ik begrijp het, dat krijg je er van als je de woorden jat, doodspoor, einde verhaal.
Ik bereid me voor op de vragen, de geheimen van zijn succesvolle bestaan, ik geloof die glimlach niet en ik wil heel wat van hem weten.

Op Sloterdijk stap ik uit en over in de snelle wagen van de fotograaf, we kletsen, we grinniken, we luchten ons hart. Ze laat me lachen en weten, ook voor haar niet gemakkelijk. Gekmakende concurrentie en ik weet met wie ze te maken heeft. Ik vertel haar, dat het belangrijk is, om goed voor de bron te zorgen, stapje verder, ietsje breder.

Op zijn blote voeten en in zijn hemd doet hij open. Op tafel ligt een placemat zonder bord, bovenaan staat een, goed gevuld glas wijn onaangeraakt. Buiten ligt de rails er verlaten bij, net als het gedeukte blikje Grolsch in zijn tuin.
Het maakt me zo treurig. Zijn vrouw minder dan drie maanden terug overleden. hij heeft het moeilijk. Dat geeft hij toe, heel eerlijk, maar eerst wil hij zijn verhaal kwijt, nogal romantisch, nogal gewaagd, voor een man op zijn leeftijd, net na de dood en zo.

Maar hij heeft het leven van een schrijver geleefd, de meest bekende van Nederland, hij vertelt het vol trots, cijfers en getallen, geen weerga gekend.
Hij heeft geen kinderen en niet langer een spiegel, niemand die hem vertelt of het wel of niet past en dus is hij moedig, hij kiest met heel zijn Calvinistische hart voor lekker leuk. En mij port hij tussen mijn ribben, of langs mijn schouder, zijn handen soms net iets te vrij, ik laat het maar, zachtjes oud worden, dat het hem gegeven mag zijn.

Amsterdam,
Jezzebel

Foto: Cartright

This entry was posted in Geen categorie. Bookmark the permalink.

17 Responses to Verder treinen

    Leave a Reply

    This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.