Tijd om op te staan

foto

Als tranen op het asfalt kletteren deze troosteloze ochtend, stroomt een putje over.
De straten zijn onbegaanbaar. De hemel heeft knallend haar hart geopend en bliksem verlicht kleurloos bij. De stad loopt vast. Als het regent dan dondert het. 
En Tel Aviv in de winter is als een hoer die zichzelf in slaap huilt.

Het is nog donker als ik wakker word. Met ogen zwaar en gezwollen moet ik vechten om mezelf uit bed te krijgen. Zo ongelooflijk koud in huis.
Zonder centrale verwarming en slechts een space heater om de boel op te warmen, is het met blote voeten ‘s ochtends op ijzige plavuizen, gewoon niet lekker wakker worden.

In de badkamer werp ik een snelle blik in de spiegel.
Ah, daar is ze. Haar gezicht op half zeven, ze is wakker.
Gisteren was huilen, vandaag wordt beter. Ik neem het me stellig voor.
En na het douchen, een glas cola en een sigaret, de space heaters inmiddels aan, voelt het beter. De lucht is gitzwart en de shutters houd ik dicht. Vandaag geen daglicht in mijn huis.

Even later slaan de stoppen door. Ik vrees het ergste. Met een beetje pech kan dat uren duren. De bedradingen van mijn huis hangen rommelig buiten. Het kan gevaarlijk zijn. Nog niet zo lang geleden kwam ik er achter dat mijn huis niet was geaard.
Maar ik heb geluk als ik de hoofdschakelaar opnieuw probeer aan te zetten.
Alles werkt.

Tijd om aan de slag te gaan.
Verhuizers, ik moet de verhuizers bellen, gaat het door mijn hoofd. De movers en shakers van mijn bestaan, waar kan ik ze vinden. Tijd om die mannen binnen te halen.
Het lijkt me een onmogelijke opgave.

Razend treurig word ik van zoveel lamlendig gebrek aan daadkracht. Hoe moeilijk kan het zijn! Maar de stap lijkt me onneembaar.
Ik sta op, eerst maar eens een kop thee.
En dan pak ik uiteindelijk de Gouden Gids en blader naar de enorme lijst met echt Israëlische namen. Yitschaki A. Gad of Levi I. Nissim lijken mij geen internationaal klinkende bedrijven.

Die moet ik niet hebben, moet ik mezelf overtuigen. In gedachten zie ik een aftandse vrachtwagen met slonzige mannen enorme meubels zeulen.
Zoals je dat bijna elke vrijdag op elke straathoek ziet. 
Tel Aviv is een stad constant in beweging. De buurt verraadt je sociaal economische positie. 
Die van mij ver boven mijn stand.
Zo dicht bij het strand kun je voor het grootste krot gemakkelijk een woekerbedrag eisen. En als ik zo doorga eindig ik op een bankje in dat prachtige park bij mijn geliefde rots.
Mijn grootste angst. Ik weet dat ik het zo ver kan laten komen.

Ik moet de internationale verhuizers te pakken zien te krijgen, ik was het bijna vergeten.
En dan begin ik serieus rond te bellen. In no time heb ik de nummers bij elkaar.

Morgen komen ze kijken naar de spullen en de zaken waar ik geen afstand van kan doen. Mijn boeken en mijn art supplies.
Om twaalf uur morgenmiddag worden al de emotionele waardeloze zaken van mijn hart in kubieke meters gemeten.
De souvenirs van mijn bestaan… morgen zal ik een afspraak voor ze maken, voor later. Pakt u mijn leven over een maandje maar in.

Buiten stormt het zoals het lang niet heeft gedaan. Maar tranen zijn opgedroogd.

Tel Aviv,
Jezzebel

Foto: D. Byun

This entry was posted in Geen categorie. Bookmark the permalink.

25 Responses to Tijd om op te staan

    Leave a Reply

    This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.