Kom maar niet te dichtbij

foto

Ik zie mezelf

Vandaag is gemakkelijker, op een bepaalde manier. Het zielige er af. Ik heb pijn als een beest.
Misschien een gewond dier, maar wel een die vecht voor haar leven en gevaarlijk is. Kom maar niet te dichtbij.

Onderweg naar de flessenbak kwam ik de poster tegen waarop ik mezelf herkende. 
Toen wist ik het al. Vandaag zal ik de onmacht verscheuren. Ik zag mezelf.
De plasticflessen gooi ik weg en verdwijn op de fiets.
Op het postkantoor wacht een aangetekende brief. De Afhandeling. 
De Organisatie heeft een officiële brief gestuurd.
Ik wist dat gisteren al, maar toen had ik nog geen kracht om ‘m op te halen. Definitief voorbij in cijfers en getallen, daar moet je maar net de moed voor hebben. 
En enkel een halve maand gewerkt op een toch al niet riant salaris, belooft gewoon niet veel goeds. Reden voor meer zorgen die je maar beter niet precies kunt weten. Op dagen zoals gisteren.

Maar vandaag moeten de schouders er onder. Gisteren voorbij, we gaan weer verder.
Ongeduldig scheur ik nog voor het loket het gewraakte boekhoudkundige gerampetamp open.
Hoewel men volgens de letter van de wet mij niets verplicht is – met nadruk onderschreven – strijkt men toch met de hand over het hart. En hoewel ik zelf ontslag heb genomen met onmiddellijke ingang – wat de overdracht ook nog eens extra bemoeilijkt – heeft men belsoten toch het maandsalaris mee te geven waar ik recht op heb als ik ontslagen was.

De goedheid van het hart verbaast me soms. Ik word er een beetje cynisch van, dat moet je me maar niet kwalijk nemen. 
Deze lieve mensen die me werkelijk niet zo heel erg keurig behandeld hebben maken nu zo’n groots gebaar dat een dankjewel niet misplaatst zou zijn.
Ik heb er geen zin in.

Aanstaande vrijdag is er een afscheidsfeestje, voor mij als hoofdredacteur. 
Georganiseerd op een moment dat ik enkel nog mijn vrijwillige werk neerlegde. En omdat de uitnodiging al de deur uit was, voordat ik er helemaal het bijltje bij neergooide, kon het niet meer worden afgelast. Dat zou wat zuur zijn, tegenover de leden. Alles voor de schone schijn. Wel is de prestigieuze catering gesneuveld. Nu ik niet meer officieel meedoe is het weer terug naar pita en choemoes.
Ik denk er al een tijdje over na. Zal ik gaan?
Er wordt druk gebeld met kantoor.
"Komt ze," de vraag die niemand behalve ikzelf kan beantwoorden. Maar mij bellen ze niet.

Ik weet het nog niet. Ik heb niet veel zin de speelpop te worden van een onbekwaam bestuur en hanige mannen die mooie sier wensen te maken met hun goedertierenheid, over mijn rug.
Lazer op, geen glimlachende Barbie die het welwillend over zich heen laat gaan. Daar ben ik niet zo goed in. Bovendien, ze weten het nog niet, maar er zitten nog wat artikelen in de pen…
Ik heb vandaag werkelijk de handen uit de mouwen gestoken en vast her en der aan de deur gerammeld. Ik moet verhalen schrijven, het zal me lukken, er is nog zoveel te vertellen.

Daarna heb ik de directrice van de sociaalwerkers maar eens gebeld. Ze wilde voor mijn uitstapje nog een laatste produkt van mijn hand. Tegen betaling, deze keer, uiteraard. Dat sprak vanzelf.
Ik overrompelde haar vandaag, zo zei ze zelf. Het lag namelijk wat moeilijk. Ze wist wel dat ze het had beloofd, maar omdat ik niet reageerde was er inmiddels contact gelegd met… etc.
Ik nam het nuchter op. Prima, dat gaat dus niet door. Laten we het daar dan bij houden. Lekker zakelijk. Hoeven we ook niet langer te doen alsof.
"Als een vriend…" zegt ze en verliest zich: "Je moet niet, je kunt niet, je wilt niet, je doet niet…"
Ik heb er geen zin in.
Ik zeg haar dat ik haar dankbaar ben voor de geste, maar dat ik er niet van houd een ander het brood uit de mond te stoten. Daarin verschillen we, ook dat zeg ik er bij. Zij en ik hebben een ander objectief.  En bovendien, de man die het zal overnemen heb ik zelf naar binnengehaald. Iemand die bekwaam is en over wie ik gezegd heb dat ze zuinig met hem moeten zijn. Zoveel professionals die De Organisatie een warm hart toedragen zijn er niet.
Maar dat wil ze niet. Ze werkt toch liever met mij.
Ik ben niet zo aardig. Ook zij is afhankelijk van de toestemming van een bestuurslid en ik heb geen zin in zijn gunsten.
"Het is belangrijk dat je je goed voelt," zegt ze steeds opnieuw.
Ik zeg haar dat ik haar dankbaar ben.
Maar dat wil ze niet.
Dan word ik boos. Ze kan ondanks haar vakkundigheid niet voor mij bepalen wat ik voel. Wat mij betreft is het duidelijk. Het werk is aan een ander gegeven. Dat betekent tegelijkertijd dat de artikelen die ik al eerder heb geschreven en waar copy right op zit, helaas, ook niet gratis en voor niets gepubliceerd kunnen worden.
Later hoor ik dat ze een pakje sigaretten is gaan kopen.

Binnen een paar uur heb ik de bevestiging. Het project is uiteindelijk toch van mij.
Morgen heb ik een ander belangrijk gesprek. De eerste stappen zijn gezet.
Ik ga mijn tanden er in vastbijten.
Kom maar niet te dichtbij.

Tel Aviv,
Jezzebel

Poster

This entry was posted in Geen categorie. Bookmark the permalink.

30 Responses to Kom maar niet te dichtbij

    Leave a Reply

    This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.